Dick

 Dick van Konijnenburg, directeur van de Max Havelaarschool in Delft

 Ruim een derde van de leerlingen van de Max Havelaarschool gaat naar de buitenschoolse opvang. Dat zijn er ongeveer 150. Ze gaan naar de eigen bso die deel uitmaakt van het integraal kindcentrum, maar ook naar bso-instellingen elders in de stad. ‘Het is goed als je als school op de hoogte bent van wat de buitenschoolse opvang te bieden heeft. Dat heb je nodig om ouders goed te kunnen informeren. Want niet elke bso is geschikt voor ieder kind. Het gaat erom dat ouders kiezen voor de locatie die het best pas bij hun kind. Onder meer om die reden ben ik ingegaan op de uitnodiging van ZON! om een bezoek te brengen aan hun locatie Sport Delftse Hout. Erg leuk was dat.’

 ‘Samenwerking vind ik heel belangrijk, maar het is een investering die je als school moet willen doen. Leerkrachten moeten de meerwaarde inzien om er energie in te willen steken. Bijvoorbeeld als zij ondersteuning of verlichting gaan ervaren in hun eigen werk. Van echte samenwerking tussen ons en de bso-aanbieders is nog geen sprake, maar we zetten wel stapjes.’

‘Ik zie het aangaan van samenwerking als een geleidelijk proces. Nu al informeren de pedagogisch medewerkers van de bso kort bij de leerkrachten hoe de schooldag is verlopen als zij ‘hun’ kinderen komen ophalen. De uitwisseling met de bso onder ons eigen dak is al iets intensiever. Ik vind dat we er in elk geval naar moeten streven dat er uitwisseling is als een kind niet lekker in zijn of haar vel zit. De leerkracht moet een kind dat niet lekker is, verdrietig is of boos, zorgvuldig overdragen aan de pedagogisch medewerker. Dat gebeurt nog lang niet altijd.’

‘Samenwerking moet groeien, ik wil daar als directeur niet bovenop zitten. Het begint met over en weer de verwachtingen uit te spreken. Het helpt als de bso een duidelijke visie heeft op samenwerking met de school. ZON! heeft dat en dan ligt er een basis waarover je met elkaar in gesprek kunt gaan. En dan wil ZON! misschien sneller dan wij kunnen of willen, maar dat geeft niet. De eerste stappen zijn gezet.’